| |
Toerisme en de stad
Stephen Hodes, 18 augustus 2009
De laatste weken heb ik met veel belangstelling de serie artikelen in Het Parool over toeristen in Amsterdam en het slotartikel van afgelopen zaterdag gelezen. Het is altijd interessant om je eigen stad door de ogen van buitenstanders te zien. En wat blijkt? Sommige van de veronderstellingen van de inwoners kloppen niet, in ieder geval niet voor de toerist. Daardoor heb ik de behoefte om een aantal van de top tien van slechte en goede eigenschappen te nuanceren of nader te verklaren.
Nummer 1 op de ranglijst van slechte eigenschappen is dat Amsterdam duur is. En dat klopt. In het Travel & Tourism Competiveness Report voor 2009 van het World Economic Forum staat Nederland overall als toeristische bestemming op de 13de plaats van de 133 landen die in het rapport zijn onderzocht - een uitstekende prestatie. Zorgwekkend is dat we plaats 124 (!) innemen op het gebied van price competiveness. Dit zullen we niet snel kunnen veranderen, maar het betekent wel dat de kwaliteit van het gebodene uitstekend moet zijn, zodat de prijs-kwaliteitverhouding klopt.
Klacht nummer 2 is dat het VVV-kantoor onoverzichtelijk is en dat informatie geld kost. Het is me al jaren een doorn in het oog dat de bezoeker bij de VVV voor bijna alle informatie in de rij moet staan en dat voor alles, zelfs voor een plattegrond van de stad, betaald moet worden. Dit is kortzichtig koopmanschap en slechte gastvrijheid - niet Amsterdamwaardig. Noem een willekeurige stad - Den Haag, Rotterdam, Kopenhagen, Hamburg, Hong Kong, Manchester, Sydney, New York- en debezoekers krijgen er gratis brochures en plattegronden en vinden er overwegend mooi ingerichte en aantrekkelijke informatiekantoren. Amsterdam zou de klacht over het VVV-kantoor relatief makkelijk kunnen oplossen als de wil er zou zijn.
Negatief punt 3 gaat over de terugtrapremmen op de huurfietsen. Volgens mij verhuren de meeste fietsverhuurbedrijven fietsen met handremmen en als dat niet zo is, zouden ze zo snel mogelijk moeten omschakelen, want toeristen zijn gewend aan fietsen met handremmen. Fietsen in Amsterdam is iets bijzonders en het is een prachtige manier om de stad te verkennen. Bovendien lijkt het aantal fietsende toeristen alleen maar toe te nemen. Handremmen zouden het verkeer veiliger maken voor iedereen in de stad, zowel voor de bezoekers als voor de bewoners.
In het artikel Amsterdam is zo gek nog niet, voor toeristen schrijven jullie: 'Een bevrijding vinden ze het, in Amsterdam kan alles: de Wallen, de coffeeshops, de Gay Pride.' Klopt, Amsterdam is in vergelijking met de meeste steden een liberale stad, maar het zou kortzichtig zijn als we niet zouden onderkennen dat Amsterdam de vrijhaven, Amsterdam progressieve stad, sterk onder druk staat. De kans dat er weinig van de Wallen overblijft is een reële dreiging: je hoeft alleen maar over de Oudezijds Voorburgwal te fietsen om dit zien. Maar ook de coffeeshops, de smartshops en Amsterdam als gay bestemming staan onder druk. Dat wat Amsterdam eeuwen lang bijzonder heeft gemaakt en wat we moeten koesteren, dreigt te verdwijnen.
Het is bekend dat Amsterdam momenteel een bouwput is, maar dat heeft twee kanten. Het positieve is dat er aan de stad wordt gewerkt: er komen nieuwe verbeterde musea, een nieuwe metrolijn, een sterk verbeterd station, mooiere pleinen en nog veel meer. Het negatieve is dat het soms lastig manoeuvreren is en dat de stad er soms rommelig uitziet. Voor beide kanten heeft de stad onvoldoende oog. Nergens wordt het positieve verhaal van de nabije toekomst verteld, niet ter plekke, niet bij de VVV, niet in de hotels en niet op de plaatsen waar de toeristen komen. Over vijf jaar zijn de werkzaamheden afgerond en hoe ziet de stad er dan uit? Wat zal al deze overlast ons brengen? Dit kan zo eenvoudig worden verteld. Een voorbeeld: het Rembrandtplein wordt verbouwd en ziet er nu armzalig uit. Waarom staan er geen borden met afbeeldingen van hoe het eruit gaat zien met tekst en uitleg in vier talen? Simpel! Commerciële bedrijven zoals de Bijenkorf of Schiphol doen het, waarom doet onze gemeente dit niet?
En dan is er het verhaal dat 'alle musea dicht zijn', een hardnekkig gerucht, dat verre van waar is. De drie topmusea qua bezoekersaantallen, het Van Gogh Museum, het Rijksmuseum en het Anne Frank Huis,zijn allemaal open. Ja, een groot deel van het Rijks is dicht, maar dat is niet het gedeelte waarvoor het gros van de toeristen naar Amsterdam komt. Er is ook recent een nieuw museum bijgekomen, de Hermitage Amsterdam, en met 100.000 bezoekers in de eerste maand voldoet dit blijkbaar aan een behoefte. Er zijn in feite maar twee musea dicht: het Stedelijk en het Scheepvaartmuseum. Ook dit 'negatieve' punt is een kwestie van gebrekkige communicatie.
Amsterdam is een bijzonder mooie stad, aantrekkelijk, vriendelijk, overzichtelijk, een stad met een menselijke maat. Maar het is ook een dure stad voor toeristen en dat betekent dat Amsterdam zeer alert moet zijn op welke kansen er zijn om het product te verbeteren, om het beter te communiceren en om uit te leggen waarom het is zoals het is. Met andere woorden, be good and tell it. Hier is veel ruimte voor verbetering!
En last but not least is de drukte, de overaanwezigheid van toeristen op sommige plekken in de stad, waardoor de stad soms de sfeer van een pretpark krijgt, op termijn een bedreiging voor de authenticiteit van de stad, voor dat wat Amsterdam nu zo aantrekkelijk maakt. Naar verwachting wordt dit alleen maar erger aangezien het toerisme het komende decennium mondiaal zal blijven groeien. Dit vraagt om een langetermijnvisie voor toerisme, niet alleen in het centrum, maar ook voor de uitbreiding van het toerisme naar de aangrenzende stadsdelen. Dit is makkelijk gezegd en moeilijker gerealiseerd, maar het is een uitdaging die de stad moet aangaan, niet morgen, maar nu.
Stephen Hodes is directeur van LAgroup Leisure & Arts Consulting, een Amsterdams adviesbureau, gespecialiseerd in onder andere toerisme en de vrijetijdssector.
Dit artikel werd eerder gepubliceerd in Het Parool, augustus 2009. |