Het klinkt tegenstrijdig, bezuinigen in tijden van hoogconjunctuur, maar toch gebeurt het momenteel bij veel gemeenten. En de lokale culturele sector ontkomt er ook niet aan.

Het roept herinneringen op aan de flinke landelijke, provinciale en lokale bezuinigingen op de culturele sector tijdens de afgelopen langdurige economische recessie. Met dien verstande dat er nu geen recessie is, dat het nu alleen om gemeenten gaat en dat de bezuinigingstaakstelling veel kleiner is.

Vraagtekens bij noodzaak gemeentelijke bezuinigingen
Driekwart van de gemeenten kampt met een financieel tekort. Dat geldt zowel voor grote, middelgrote als kleine gemeenten. De laatste hebben het relatief het zwaarst. De voornaamste bron van de tekorten is de jeugdzorg en in mindere mate de wet maatschappelijke ondersteuning (WMO). Die zijn enige jaren geleden door het Rijk overgeheveld naar de gemeenten, maar op het meeverhuisde budget werd een flinke korting ingehouden. Daarnaast blijken de uitkeringen uit het Gemeentefonds door het Rijk, veruit de belangrijkste inkomstenbron voor gemeenten, steeds weer lager uit te vallen. Het is zuur te moeten constateren dat bij het Rijk – belangrijkste veroorzaker van deze gemeentelijke tekorten – het geld tegen de plinten klotst, maar gemeenten niet worden gecompenseerd door datzelfde Rijk. De gemeenten moeten daarom flink bezuinigen. Het mes blijkt vooral in dat sociaal domein te worden gezet. Terwijl er juist in deze sector steeds meer vraag is en er zich (daardoor) steeds meer problemen voordoen. Gezien de rooskleurige Rijksfinanciën kunnen vraagtekens worden gezet bij de noodzaak tot bezuinigingen door de gemeenten op deze maatschappelijk essentiële sector.

Ook cultuur draagt bij
Ook de lokale culturele sector – buiten de bibliotheek geen wettelijke taak voor gemeenten – blijft niet buiten schot. Gemeenten bezuinigen op de bibliotheek, en/of het theater, de muziekschool, het poppodium, het museum of het festival. Dat ook de culturele sector zijn steentje bijdraagt als er bezuinigd moet worden vinden wij reëel, maar het tempo waarin dat vaak moet gebeuren niet. De bezuinigingen moeten veelal ingaande 2020 gerealiseerd worden. Dat is vaak onhaalbaar en leidt tot paniekingrepen. LAgroup komt bij culturele instellingen over de vloer om te adviseren over hun bezuinigingstaakstelling, en ervaart de problemen die dit met zich meebrengt. In afstemming met de opdrachtgever stellen we realistische bezuinigingsscenario’s voor.